Voor Marthe Nelissen werkt de inspirerende omgeving van het Letterenhuis productief. Ze vertelt over haar roman in wording en dat de weg ernaartoe langer is dan ingeschat.
Abbie Boutkabout resideert in de schrijfkamer. Ze deelt hoe de cocon van het Letterenhuis haar helpt bij het schrijven en hoe het nabije literaire erfgoed haar inspiratie voedt. Een gesprek over stilte, focus en pionierschap.
Valerie Eyckmans stelde zich kandidaat voor De Verdieping omwille van de schrijfplek. Ze vertelt over laveren tussen ideeën, het evenwicht tussen luisteren naar verschillende meningen en loslaten, en de waarde van stilte.
Anneleen Van Offel getuigt over het verlies van haar stilgeboren kind en hoe taal haar hielp om met dit onzegbare verdriet om te gaan. Hoe verhoudt het intieme rouwproces zich tot de vaak oordelende stemmen van de samenleving? En welke rol speelt moedertaal in het delen en dragen van die pijn?
Het ouderschap als oorlogsmonument in Gerard Walschaps 'Moeder'.
Sien Volders blikt terug op de aangrijpende roman Moeder van Gerard Walschap, die haar al jaren diep raakt. Via het verhaal van Anna ontdekt ze telkens opnieuw de rauwe kracht van ouderschap en verlies. Wat begint als een ode aan moederschap groeit uit tot een oorlogsmonument dat ons herinnert: altijd iemands kind.
Het archief van het Poëziecentrum voor de periode van 1973 tot 1998 bevindt zich in het Letterenhuis. Uit het gehele archief komt een beeld naar voren van oprichter Willy Tiberghien als spilfiguur van de toenmalige werking. Op vele manieren was hij een onvermoeibare pleitbezorger voor poëzie.
Wie erbij was, merkte het: nieuwsgierige ogen transformeerden tijdens de publieksopening in opgetogen en blije blikken. De vaakst gehoorde reactie? Zo mooi! Zo open en licht! Zo uitnodigend!
iPres, de jaarlijkse internationale conferentie over digitale preservering vindt dit jaar plaats in Gent. Een van de ‘lightning talks’ gaat over born-digital archief en wordt gegeven door Lamyk Bekius (UAntwerpen) en Isabelle van Ongeval (Letterenhuis).
Het Letterenhuis bewaart vele, soms onvermoede schatten. Tussen de handschriften van August Vermeylen (1872–1945) bevinden zich veertien dagboeken en veertien agenda’s van deze schrijver, kunsthistoricus en politicus.