Stephanie Claes-Vetter en haar archief
Stephanie Vetter (1884-1947) werd geboren te Zutphen in Gelderland (Nederland). Als dochter uit de gegoede katholieke burgerij nam zij ook deel aan katholieke congressen en vergaderingen. Zo leerde ze op het Mariacongres te Averbode in 1910 Ernest Claes kennen. In 1912 huwden zij te Mortsel-Oude-God en verhuisde Vetter van Nederland naar België. In 1913 werd hun eerste en enige zoon geboren en twee jaar laten verscheen in Nederland haar eerste roman Eer de Mail sluit (1915), gevolgd door de novelle Vroeg Schemer (1920). Al haar volgende werken werden in Vlaanderen uitgegeven. Haar vier grote romans, Stil leven, Miete, Als de dagen lengen en Haar eigen weg verschenen respectievelijk in 1926, 1932, 1940, en 1944.

Op het gebied van vrouwenemancipatie heeft de schrijfster baanbrekend werk verricht. Dit blijkt ook uit haar laatste boeiende psychologische romans zoals, Martine, Angst, Vrouwen zonder betekenis en Dokter Machteld. Naast haar literaire activiteiten was Claes-Vetter ook actief in diverse culturele kringen en zette ze zich in voor het bevorderen van poëzie en literatuur in Vlaanderen. Stephanie Claes-Vetter stierf te Brussel op 9 oktober 1974 en werd bijgezet bij haar man op het kerkhof van de abdij van Averbode.
In het archief treffen we enkele persoonlijke documenten aan. Zoals de geboorte- en overlijdensakte, een huwelijksaankondiging en teksten over het familieleven. De handschriften van andere bewaarde teksten met titels als 'En nederknielende aanbaden zij Hem', 'De vrede en de vreugde van de kinderen Gods' en 'Geloof, Dappere moeders' hebben vaak een religieuze insteek.
Dat haar kennis en mening in het toenmalige literaire veld gewaardeerd werd, valt met de aanwezige boekbesprekingen en uitgewerkte versies van voordrachten over literaire thema’s ook op in haar archief.
Archivaris voor haar naasten, maar niet voor zichzelf?
In tegenstelling tot het archief van haar echtgenoot, dat bestaat uit 54 dozen, beslaat dit archief slechts drie grote dozen. Stephanie Claes-Vetter schreef gedurende heel haar carrière in de schaduw van haar man. Wat dat voor haar betekende, lees je in teksten zoals: Herinnering aan het huwelijk van Ernest en Stephanie, Wat het beteekent de vrouw van een schrijver te zijn en in dagboekfragmenten.
In het archief zitten ook handschriften van haar tante Christine Vetter (1859-1932) en vader Anton Vetter (1855-1904) die beide verdienstelijke schrijvers waren. Claes-Vetter reflecteert in een brief ook over de schijfvaardigheid van haar vader. Ook hier weer valt op hoe ze plichtsbewust het geschreven werk van haar naasten bewaart.
Wat slechts in beperkte mate aanwezig is, zijn de teksten van haar gepubliceerde romans en novelles. Hechtte zij die het werk van haar echtgenoot, vader en tante zo nauwgezet archiveerde, dan geen belang aan het bewaren van haar eigen werk?
In het archief van Stephanie Claes-Vetter valt nog veel te ontdekken, onder meer wat betreft haar literaire carrière en hoe haar familiegeschiedenis daar een rol in speelde.
Dagboeken van Ernest Claes
In 2024 schonk het Ernest Claesgenootschap al het grootste deel van het archief van Ernest Claes, nu komen daar ook 23 dagboeken van de schrijver bij. Claes begon in 1933 met het bijhouden van een dagboek en hield het vol tot aan zijn overlijden in 1968.
In 1981 werd een selectie uit Claes' dagboeken gepubliceerd onder de titel Uit de dagboeken van Ernest Claes, samengesteld door Albert Van Hageland. Dit eerste deel beslaat de periode van 1933 tot 1948 en biedt een overzicht van Claes' leven en gedachten tijdens deze jaren. Een vervolgdeel, Uit de dagboeken van Ernest Claes: Het afscheid, werd in 1983 uitgebracht en behandelt de periode van 1949 tot aan zijn overlijden in 1968.
Deze dagboeken zijn een goede bron voor onderzoek. Mogelijk bevatten ze ook de sleutel tot een beter begrip naar de verhouding met zijn vrouw Stephanie en haar motieven en zielenroerselen.
Raadpleegbaarheid
Door de goede zorgen van Stephanie Claes-Vetters en het Ernest Claesgenootschap kunnen beide archieven reeds worden geraadpleegd in de leeszaal van het Letterenhuis. Een uitgebreide inventaris verschijnt later dit jaar op het collectieplatform van het Letterenhuis.