Overslaan en naar de inhoud gaan

Een blik op het creatieproces van Paul Snoek

In 2025 verwierf het Letterenhuis enkele mooie stukken uit het archief van dichter Paul Snoek (1933-1981). 

Het gaat om een uitgebreide verzameling brieven aan Paul Snoek van verschillende dichters en auteurs onder wie Johan Daisne, Jan Emiel Daele, Roger M.J. De Neef, Paul de Wispelaere, Marcel van Maele, Paul Rodenko, Willem M. Roggeman, Willy Spillebeen, Jos Vandeloo en Julien Weverbergh. Daarnaast zijn er twee brieven van Paul Snoek aan Bert Decorte en verschillende handgeschreven en getypte versies van losse gedichten en volledige dichtbundels. Met deze reeks werkstukken krijg je een unieke inkijk in het schrijfproces van Paul Snoek. 

In niet minder dan tien verschillende versies van het gedicht ‘Sonnet met winterlippen’ volg je stap voor stap hoe Snoek schrijft en schaaft tot het goed zit. Je leest mee hoe enkel de openingsregel ongewijzigd blijft en hoe in de tweede tekstversie het opgeroepen beeld van ‘oude wormen hebben een geheugen’ in de laatste versie is verveld tot ‘zelfs mijn hersenwormen weten’. Ook de titel wijzigt tussen de voorlaatste en laatste versie nog op de valreep, van ‘Sonnet met droge lippen’ naar ‘Sonnet met winterlippen’. Het gedicht werd pas na Snoeks’ overlijden opgenomen in zijn Verzamelde gedichten (1982), samengesteld door Herwig Leus. 

Ook het maakproces van de dichtbundel Frankenstein. Nagelaten gedichten  (1973)is mooi te volgen dankzij het uitzonderlijk goed bewaard gebleven geheel aan varianten en versies van bijna alle teksten uit de bundel. 

Het archief van Paul Snoek – waarvan de recente aanwinst deel uitmaakt – is doorzoekbaar op ons collectieplatform en raadpleegbaar in de leeszaal na toestemming van de erfgenamen. 

Meld je aan voor de nieuwsbrief