Overslaan en naar de inhoud gaan

Anne Provoost en Dimitri Bontenakel

Interview

Een jaar lang kwamen de zes auteurs van De Verdieping samen in het Letterenhuis. Daar werkten ze, onder begeleiding van Anne Provoost en Dimitri Bontenakel, aan hun volgende boek of verhalenbundel. Letterenhuiscollega Hazel blikt, samen met de coaches, terug op het afgelopen traject. “Het was soms een bloedbad.”

Hoe ging het literaire mentorschap jullie af?

Anne Provoost: Het was voor ons beiden niet de eerste keer, dus we wisten wat we konden verwachten. Waren er verrassingen? Zeker. Ik ben echt omvergeblazen door het lef en de wilskracht van de zes auteurs om zichzelf bloot te geven. Dat was niet zo in mijn generatie. En niet iedereen kan dat, maar zij doen dat. Zij leggen work in progress voor en leggen daarmee hun ziel op tafel.
Dimitri Bontenakel: Dit traject is bedoeld voor auteurs die net begonnen zijn aan hun eerstvolgende manuscript en nog zoekende zijn in dat denkproces. De een staat al verder dan de andere. Ze tonen inderdaad work in progress aan ons en aan hun mederesidenten. Ja, dat vergt wel enige moed. Dat hebben ze eigenlijk vanaf het begin zonder enige schroom gewoon gedaan. We zitten allemaal rond de tafel en wij begeleiden, maar ze waren elkaars redacteur.

Jullie waren als coach dan meer facilitator?

Anne: We namen ons vanaf het begin voor om er een groep van te maken die elkaar coacht. En Dimitri en ik zijn dan de coaches van de coachingsmomenten. Soms heb je iemand nodig die de leiding neemt, maar we zijn evenwaardig aan elkaar.
Dimitri: Het was de bedoeling dat we allemaal gelijkwaardig rond de tafel zaten als redacteur. Wij hebben vooral het gesprek op gang gebracht. Onze taak is om soms de vinger op de wond te leggen: hier werkt het niet of daar werkt het net heel goed. En waarom is dat zo?
Wat je vaak ziet gebeuren in zo’n feedbackproces, is dat de deelnemers al een volgende stap zetten en allerlei oplossingen suggereren. Dat is het afgelopen jaar ook gebeurd. Terwijl die stap eigenlijk tot de taak van de schrijver zelf behoort.

Anne Provoost op het binnenplein van het Letterenhuis Dieter Daniëls

Anne, je zegt ‘dat was niet zo in mijn generatie’. Heb je zelf een feedbackgroep gemist?

Anne: Mijn debuut schreef ik in Amerika waar ik anderhalf jaar woonde. Aan het einde van mijn verblijf ontdekte ik een groep waarin schrijvers elkaar coachten. Jammer genoeg te laat, want ik moest terug naar huis. Bij mijn terugkomst in Vlaanderen heb ik, tijdens een symposium voor jeugdauteurs, de vraag gesteld om zo’n groep op te richten. Er was toen een grote weerstand. Ik kreeg als reactie dat je talent hebt of niet en dat je dit werk alleen doet. Het idee was dat het niet meer jouw boek is als je eraan laat sleutelen door anderen.
Dimitri: Dat wordt nog vaak gedacht. Dat is net waarom we De Verdieping hebben opgestart. Er bestaan heel wat ontwikkelingstrajecten voor beginners, maar niet voor schrijvers die reeds gepubliceerd hebben en verder aan hun métier willen werken.
Anne: In de scenariowereld is feedback net de regel. Veel pingpongen en brainstormen. Wij hebben vanaf het begin gezegd dat we open bijeenkomsten wilden. Je leest elkaars manuscript en je ziet niet alleen hiaten maar ook kansen. Die ideeën reik je aan en worden vervolgens ook intellectueel eigendom van de betreffende schrijver. We stonden erop dat er een hele grote vrijgevigheid was in het pitchen van ideeën. Dat deden ze zo met overgave! Dat was heel schoon om naar te kijken.
Dimitri: Dat was inderdaad heel mooi om vast te stellen. Je selecteert zes mensen die je niet kent. Je weet niet hoe ze zich in een groep gaan profileren. Maar alle zes hebben ze zich vanaf het begin erg geëngageerd en het feedbackwerk zeer ernstig genomen.
Anne: Ze wilden dat iedereen het beste manuscript kon afleveren. Ze hadden alles gelezen, hadden zich goed voorbereid. Die generositeit ontstond gewoon spontaan. Terwijl je vaak slecht nieuws moet brengen. Nu en dan zeg je dat je iets goed vindt en al de andere keren breek je hun werk af. Ik lag daar ’s nachts soms over te tobben. Ik was een stuk geruster iedere keer er consensus bleek. Meestal was dat ook zo.
Dimitri: Dus als ze in de pan werden gehakt, dan werden ze tezamen in de pan gehakt. (lacht)
Anne: Dan was het een bloedbad!
Dimitri: We grapten daarover in het begin. ‘Dan is het nu aan jou om hier op tafel te liggen en kunnen we je dissecteren.’

Hoe vermijd je dat het een negatieve spiraal van kritiek wordt?

Dimitri: We waren eerlijk, maar ook genuanceerd. Het doel was natuurlijk nooit een slachtpartij, wel het benoemen waarom iets wel of niet werkt. Uiteindelijk keert de auteur naar huis terug en doet die met de feedback wat hij/zij wil. Als iedereen aan tafel echter over hetzelfde struikelt, dan zal de persoon in kwestie wel tweemaal nadenken.
Anne: Ze hadden alle zes een groot incasseringsvermogen. Misschien door toeval of door een goede selectie. De eerste sessie hebben we bijna een halve dag een soort disclaimer zitten inbouwen: zo gaan we werken en dat gaat pijn doen. We gaan focussen op wat er minder is, maar nooit om af te breken. Ze wisten dat we maar één doelstelling hadden, los van al het rood in hun digitale manuscript: hun tekst beter maken. We hebben onderling ook veel gediscussieerd. Want we kunnen wel denken dat we een tekst beter maken, maar we moeten ook de eigenheid van ieders stem respecteren.

Hoe gaat het nu verder?

Dimitri: Nu we aan het einde het traject staan, kwam er een mailtje binnen van een van de deelnemers met de vraag om De Verdieping informeel voort te zetten. En dus starten we met vrijwel alle deelnemers een feedbackgroepje op dat De Verderzetting zal heten.
Anne: Zo mooi!
Dimitri: Ik stap mee in als schrijver, niet als coördinator. Wij gaan elkaars werk blijven lezen en elkaar feedback blijven geven. Een mooie uitloper. Samen met VONK & Zonen hoopten we stiekem dat ze het op eigen kracht zouden voortzetten en dat gaat nu gebeuren.
Anne: We hebben dat in het begin ook gezegd. Die luxe dat je van zes collega’s feedback krijgt, die krijg je nooit meer. Ik heb de tijd nog gekend dat je op van de uitgeverij twee redacteurs kreeg. Die luxe hebben veel schrijvers vandaag niet meer.

Hadden jullie als beginnende schrijver een mentorfiguur?

Anne: Onze redacteurs, denk ik. En mijn man was een professionele redacteur, bij Kritak en Meulenhof, dat scheelde.
Dimitri: Tijdens het laatste jaar aan de Schrijversacademie, toen nog een vierjarig traject, maak je een eindwerk. Dat werd mijn eerste roman. Ik had schrijver Marc van Alstein als begeleider en hij is een mentorfiguur geworden. We hielden contact en hij heeft al mijn boeken gelezen.
Anne: Ik ben nooit echt op zoek gegaan omdat ik mijn partner had om te overleggen. Ik vroeg ook advies aan mijn moeder en mijn zussen, iedereen hing eraan, en ondertussen dring ik ook mijn teksten op aan mijn kinderen. 

Dimitri Bontenakel in het archiefdepot in het Letterenhuis Dieter Daniëls

Is dat een motivatie om die rol van coach op te nemen binnen De Verdieping?

Dimitri: Misschien wel. Ik heb nooit gedacht dat ik ooit les zou geven of coach zou zijn. Ik zag mezelf eerder in die lerende rol, tot ik het idee van het GenreLab initieerde. Dat was een coachingstraject voor thrillerschrijvers, in samenwerking met Literatuur Vlaanderen. Toen besefte ik dat ik bijna twintig jaar na mijn debuut, misschien wel iets te vertellen heb. Voor je het beseft, glijd je toch in die coachende rol. Ik vind het alleszins erg waardevol om te doen.
Ik denk dat je dat misschien ook hebt, Anne. Het is een wisselwerking van geven en nemen. De deelnemers vertellen dingen die ook voor ons interessant zijn.

Wat neem je mee uit dit traject?

Anne: Ik weet niet of jij dit zal onderschrijven, Dimitri, maar ergens halverwege voelde ik me niet meer nodig. Ik had het gevoel dat de feedback die ze aan elkaar gaven niet moest onderdoen voor de feedback die ik zelf gaf. Ik was verbaasd over hun vermogen om anderen te evalueren. Wat is het belangrijkste dat ik heb geleerd? Dat mensen die kunnen schrijven, ook best een redacteursoog hebben. Dat is eigenlijk straf.
Dimitri: En vooral dat ze dat doen vanuit een dienende rol. Ze kijken echt naar hetgeen de auteur wil vertellen en hoe hij/zij dat kan doen op de best mogelijke manier. Los van eigen ideeën, eigen poëtica. Zij kijken naar de vertelstijl van die auteur en gaan daarmee verder aan de slag. Het is mooi om te zien hoe daarrond gesprekken ontstaan.

Zouden jullie een gelijkaardig traject opnieuw doen? 

Dimitri: Het is alleszins de bedoeling om van De Verdieping een project van lange adem te maken. We bekijken met VONK & Zonen hoe en in welke vorm we ermee verdergaan.

 

'De Verdieping' is een traject van VONK & Zonen.

 

02-10-2025
 

Meld je aan voor de nieuwsbrief